De vader van Greta Riemersma was een kind van zijn generatie: idealistisch en gedreven. Vol passie was hij bezig met een betere wereld. Voortdurend moest alles anders, ook binnen zijn eigen gezin. Zijn streven veroorzaakte veel onrust en onbegrip - en uiteindelijk kwam hij steeds meer alleen te staan. Hij overleed in 2004 en daarna zou het nog jaren duren voor Riemersma's afkeer van alle tumult in haar jeugd plaatsmaakte voor schoorvoetende nieuwsgierigheid.
Hoe ontstond de kloof tussen haar vaders idealen en wat daarvan thuis terechtkwam? Hij groeide op in een gereformeerd gezin op het eiland Urk. Later gaf hij leiding aan een scholengemeenschap in Leeuwarden. In de jaren zestig omhelsde hij het opkomende linkse gedachtegoed en Riemersma ontdekt een direct verband met zijn religieuze opvoeding, zoals bij zoveel jongeren in die tijd. Ze begint te begrijpen waarom haar vader zich bekommerde om alle vernederden en verdrukten ver weg, maar de liefde dichtbij een stuk lastiger lag.
De wereldverbeteraar is een portret van een generatie die alles wilde veranderen, en de diepe sporen die dat achterliet.